Het hertenkamp

Het hertenkamp

Axis Geer, Chital or Spotted Deer in Ranthambhor National Park, India.

De kinderen speelden in het bos bij het hertenkamp, ze hadden een hut gebouwd van takken en mos. Ze vermaakten zich prima, met rode wangen van het sjouwen van takken, en klimmen in bomen, waren ze aan het einde van de vrije schoolmiddag, moe maar voldaan.
Raimon was de eerste die naar huis ging om te gaan eten.

Hierop volgden de tweeling, Sanne en Janneke, en als een na laatste vertrok ook Pedro richting huis. Anoes bleef nog wat spelen, ze hoefde niet zo erg op de tijd te letten nml.

Ze maakte de deur van de hut nog af, en keek door het zg raampje in de hut naar de herten die op afstand haar aankeken. Ze vonden het nogal vreemd, al dat lawaai van de kinderen die hun rust kwamen verstoren die middag.
Vol bewondering keek Anoes naar een reekalfje dat bij zijn moeder aan het drinken was. Wat een schatje toch.

Het werd wat kouder merkte Anoes en ze knoopte haar vestje dicht.

Ze gooide haar blonde vlechtjes over haar schouders.
De zon was onder gegaan en ze moest nu ook maar eens op huis aan.
Ze liep zingend door het bos terug naar huis.

Onderweg plukte ze nog wat bloemetjes voor haar moeder.

Ze zong een liedje. Haar ogen glinsterden en haar wangen waren roze door de drukke speelmiddag.

Plots stond er een meneer voor haar op het bospad. Hij zag er een beetje raar uit, hij droeg een pet, en had een snor. Hij keek haar aan en glimlachte vriendelijk. Dag meisje!

Zei hij vriendelijk. Dag Meneer, zei ze kordaat.

Wat heb jij een mooie bloemetjes geplukt, voor wie zijn die bloemen? vroeg hij.

Oh die zijn voor mams, zei ze spontaan, ondertussen rook ze weer even aan de witte bloemetjes in haar hand.

Dat zal ze wel heel fijn vinden, je bent vast een lief meisje. Zei de man.
Uhuh…mompelde ze.
Bevreemd keek ze hem aan, wat wilde die man van haar. Ze wilde naar huis toe.

De man zag haar plotse blik van wantrouwen.
Hij pakte hierop haar ene blonde haarvlecht.

Kom mee…meisje!

Hij trok haar mee de struiken in. Kom..!

Anoek schrok enorm. Ze wilde gillen maar voelde opeens een hand op haar mond.

De man voelde onder haar kleren, met een grote grove hand. Niet doen, riep ze uit, onder zijn hand door, kon ze nog iets uitbrengen.

Sttttt, zei de man! STIL!

Hij keek haar boos aan. Maar Anoes was niet bang.

Meneer, hijgde ze. Meneer?

Ik zal niet….hij drukte haar nog harder op haar mond.

STTTT!!!!!! Bromde hij, onderwijl greep hij haar lijfje aan alle kanten.
Anoes was wel bang voor wat hij kon doen maar… ze probeerde het weer!

Meneer…?????

Als je niet gilt, mag je wat zeggen, alleen dan, zei hij dreigend.

Hij haalde zijn hand even van haar mond.

Meneer? Hijgde ze, Meneer, u mag alles met mij doen wat u wilt, als u mij maar niet doodmaakt!?

De man keek haar aan, en het leek of hij opeens tot besef kwam van zijn zeer foute daden.

Die onschuld in haar ogen, die woorden, het leek of hij wakker werd uit een boze kwade droom.

Hij liet haar los, Anoes draaide zich om. En rende, rende voor haar leven, weg, weg bij die vieze nare man!

Naar huis!

Naar huis toe, naar papa en mama!

De bloemetjes lagen verloren op het bospad.

Anoes is er nooit meer geweest!

AngelWings

( Dit verhaal is waar gebeurd, een achternichtje van mij, speelde in het bos, en werd inderdaad door een man aangegrepen in het bos. Ze was een kind, en zei deze woorden en hij liet haar gaan! Ik ben het nooit meer vergeten! Voor mij was het een waarschuwing, en tevens het besef dat het ook zo fout had af kunnen lopen voor dat dappere meisje!)

Over de Schrijfster

Gerelateerde Berichten