Te vroeg of te laat?

Te vroeg of te laat?

Photobucket

Te vroeg of te laat?
Jan had altijd gezegd tegen zijn
vrouw Eefke…
”Meid als ik niet meer verder kan, wens ik euthanasie”.
En Eefke had dan geknikt met haar hoofd omdat ze er zelf ook zo over dacht.
Die lijdensweg zat geen mens op te wachten nml, zo dacht Jan.

En op een morgen werd Eefke wakker naast Jan, en Jan opende zijn ogen niet meer…
Ze riep Jan’s naam,
en schudde hem heen en weer.
Maar er was geen beweging in te krijgen.
Ze belde de huisarts, die meteen kwam kijken en vaststelde dat Jan plots in coma lag, misschien zijn hart?
Hij wist het niet, maar belde een ambulance om Jan te laten vervoeren naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis.

Jan zelf vond alles maar vreemd,
hij zweefde naast zijn lichaam mee in de ambulance en zag zichzelf zowaar op de brancard liggen.
Hij had medelijden met deze man…
omdat hij niet eens zichzelf herkende als de Jan die op de brancard lag.

Jan zag Eefke…zijn Eef huilen naast zijn bed in het ziekenhuis en hij streelde haar over haar haren en probeerde haar te troosten maar…
Ze voelde het niet ofzo want ze reageerde niet op Jan.

Naast Jan vloog telkens een vage figuur mee, die een licht doorzichtig gewaad droeg en hem telkens maande mee te gaan,
maar Jan wou niet weg.
Was zelfs boos op die vage figuur naast hem
“Zout nu us op met je gezeur zeg”.
Mopperde Jan op de Engel, want dat was het nml.
De Engel droop af, al was het tijdelijk, hij had zijn best gedaan nml.
en meer kon hij niet doen.
Aangezien ze daarboven ook lunchtijden hebben liet hij Jan maar even voor wat het was.

Jan zag hoe de zusters slangetjes in zijn neus propten en hoe ze een naald in zijn arm deden.
Jan vond het wel grappig allemaal want hij voelde zowaar niets van dit al.

Jan kreeg ineens oog voor de omgeving en sloop af en toe de zusterskamer in, waar jonge leuke zusters zich omkleden voor hun werk.
Jan vond het wel gezellig zo in die kleedkamer en keek zijn geestelijke ogen uit.
Toen die vage figuur weer eens langskwam om Jan mee te nemen naar het hiernamaals was het moeilijk voor Jan om zich los te rukken van het aards bestaan.

Maar Jan ging uiteindelijk mee en ontdekte een schitterende wereld daarboven ergens achter de tunnel waar ze doorheen zoefden alsof het niks was.
Binnen de seconde stonden ze daar en Jan zag uit over een schitterende weide, met allemaal hele bijzonder en mooie bloemen en zelfs dieren liepen er rond.
Kinderen speelden op het gras en de zon scheen er onwezenlijk mooi diffuus.

Ergens in de verte ontwaarde Jan prachtige gebouwen gemaakt van doorschijnend licht met een uitstraling van juwelen die in de zon lagen te bakken.
Jan was erg tevree…toch knaagde er iets aan zijn binnenste en..
Toen zijn Engel terugkwam zag hij aan Engel zijn gezicht dat er iets loos was.
Achter Engel liep OpperEngel en die keek een beetje onthutst..

Het gesprek ontspon zich tussen de Engelen als volgt:
“Het is zijn tijd nog niet Archibell”?!
“Ja,dat heb ik ook begrepen”?
“Hoe is dit mogelijk”?Zei opperEngel weer…
en schudde zijn hoofd…
“Denk een tijdsprong overvloeing , iets met de matrix die veranderd is”?
Opperde Engel.
“Geen idee, maar we hebben een probleem”, we moeten snel zijn nu”,

Ze namen Jan bij zijn armen en namen hem mee naar het begin van de tunnel.

“Luister goed,Jan”,zei Opper Engel.
Er is een fout gemaakt hier en, we moeten snel handelen,
hopelijk is het nog niet te laat, en Opper Engel legde uit dat Jan zo snel mogelijk weer naar zijn lichaam moest terugkeren, en alles moest vergeten wat hij had gezien, en..dat hij zich in zijn lichaam moest nestelen gelijk een worm zich nestelde in een rotte appel.

Jan vloog met Engel naar de aarde terug.

“Poeh”,zei Jan,”wat een heftige krachten hangen er hier op aarde zeg”? “Ben het niet meer gewend”.
“Nee”, beaamde Engel aan zijn zij, die druk was om het lichaam van Jan te zoeken.
Hoe lang ze nu al weg waren van de aarde wisten ze niet want tijd bestond er niet in de hemel nml.

Maar eindelijk kwamen ze aan in het ziekenhuis waar Jan’s lichaam nog op het kamertje lag zoals voorheen.
Jan zag zijn vrouw Eefke getroost worden door zijn jongere broer Kees.

Eefke huilde en keerde zich af van het bed.

Jan sprong met een gang zijn lichaam in en….zag nog net hoe de dokter een injectie spuit in zijn arm leegdrukte…

Jan’s kreet was bijna hoorbaar in de kleine witte kamer…
Eefke kreeg kippevel en trok haar vest dichter om haar heen.
Ze keek nog eenmaal naar het lichaam van Jan dat maanden daar zo op dat bed had gelegen.

“Hij zou het zo gewild hebben”,verzuchte ze tegen Jan’s jongere broer Kees.
“Ja, meid”,liefkoosde Kees,
in Eefkes naar honing geurende haar.
Hij sloeg zijn arm om haar middel en kneep haar eventjes zacht……………….
~*~AnGeLWinGs~*~

Over de Schrijfster

Gerelateerde Berichten