Spin!!!!!!!!

Spin!!!!!!!!
(Bij het zoeken van deze gif heb ik dus het kippevel overal…aargh wat brrrrrrrrr ranzig!)

De pc stond aan, de beker koffie naast mij.
Plots sloeg mijn intuïtie op tilt… rechts van mij, boven de kastdeur, zat een donkere schaduw.
“PLOK,” hoorde ik, er viel iets op de grond. Een flinke plok…
Ik wilde het negeren, echt waar.
Maar iets in mij zei: kijk, onderzoek het!
Ik liep naar de kastdeur, zag niets bijzonders.
Onder de deur zag ik een zwart garendraad. Vraag me nog af of het garen was… of… OF…???
Mijn hart sloeg twee keer over.
‘Dat is gewoon garen,’ stelde ik mezelf gerust. Gewoon zwart garen dat toevallig onder de kastdeur zat. Ik wilde er bijna aan trekken. 😮
Maar ik kon mezelf niet bedotten. Kippevel over mijn lijf.
Ik deinsde achteruit. Zo’n poten… dat kan niet!
En ja, hetgeen ik nog in mijn stoutste dromen niet had bedacht: met plokkende, gore klomppootjes klom de spin op mijn muur.
Vol afgrijzen staarde ik naar het monster.
ZO GROOT??? Damn. Wit om de neus.
Ik belde aan bij de buren.
“Eh… yeah, but no but, eh… spi… spinnn,” hakkelde ik chaotisch.
De buurman deed stoer: “Oh, geen enkel probleem hoor.”
Maar terwijl ik hem het monster op mijn muur toonde, zag ook hij ineens spierwit om zijn neus.
“Eh… ja… eh… heb je wat papier?”
Ik gaf hem gul een hele rol.
Stoer en wittig zwetend, pakte hij het monster van mijn muur en drukte het te pletter.
Spletsch… in het pleepapier!
“Bedankt,” zei ik opgelucht en witjes.
De buurman glimlachte stoer terug.
Gelukkig geven mannen het niet toe.
“Er zijn er vaak twee, hè,” zei ik hoopvol.
“Ja, ja,” stotterde hij, “als er een tweede is, haal ik die ook wel weg,” en snelde naar huis.
Vreemd

Vannacht, toen ik mijn slaapkamer binnenkwam, gleed mijn blik snel door de kamer.
Maar mijn ogen keerden terug naar één punt: iets vreemds.
Een zwartig iets op mijn muur. WAT VOOR ZWARTIG IETS?
Te laat om aan te bellen bij de buren. Het is vakantie, maar toch…
Ik keek vol afschuw naar de grote rioolspin op MIJN BEHANG.
Hoe durfde hij mijn domein te betreden?
Ik gruwelde, wist één ding zeker: ik slaap niet in een slaapkamer met zo’n draak op de muur!
Bibberend ging ik even bijkomen onder de douche en snel nadenken wat te doen.
Zoals een paar weken terug, toen eentje met een plok op de grond viel, kon deze ook zomaar op mijn bed vallen. Brrr.
Boosheid gaf me moed.
Ik pakte wc-papier, wikkelde het strategisch op elkaar en stapte hierna wat trillerig op mijn bed.
Mijn hart klopte in mijn keel: bonk, bonk…
Kordaat greep ik de spin in het papier en kneep keihard. Echt kei en kei hard!!!!!!
“ZOOOOOOWWWWWWW! GOT YA!” riep ik uit.
Snel rende ik naar de badkamer en smeet het monster met een noodgang in de plee.
Spoelen… binnen de seconde weg.
Het werkte. Stoer, opgelucht, verbaasd. Hoe kreeg ik dit voor elkaar?
Maar waar kwam deze spin vandaan?
Mijn slaapkamerraam gaat niet open ivm hooikoorts, maar het doucheraampje en dakraam wel…
Was dit serpent zo lang langs de muren gekropen?

Met lichte gruwel viel ik in slaap. Hopend dat er niet nog een spin was.
Men zegt vaak: is er één, dan is er altijd nog één. Ze komen in paren.
Godzijdank is dit Nederland. Ik zou bij God niet weten hoeveel buren ik wakker zou gillen bij zo’n buitenlandse joekel.
Ik zou in gruwelijke paniek raken… ieuwww!
Eén ding onthoud ik: boos worden voorkomt angst.
En als je dit omdraait, is angst dan ongeuite boosheid?
Interessant… en is iemand die boos is niet juist bang voor iets?
Hoe je het ook mag invullen: interessant om over na te denken.
Ik ben trots dat ik dit durfde.
Sorry mega-dierenliefhebbers, maar ik heb een deal met Meneer God: geen spinnen in mijn huis, want die durf ik niet levend naar buiten te brengen.
Hopelijk heeft Hij het gehoord.
Heldinnenstory op sokjes

Een grote rioolspin op de muur, alweer in de gang. Waar komen ze toch vandaan?
Ik keek met afgrijzen. Oké… en nu?
Mijn truc van vroeger toegepast: kwaad worden op de spin!
Ja, dat helpt. Wc-papier gepakt, niet te dichtbij, bekeken wat de pakknijpkansstrategie moest zijn, half op de trap.
Ja, ik flikker er zo vanaf als hij valt… aargh!
Ogen op scherp, verstand op nul.
En TJAKKA! Got it!
Gruwel-gruwel-verstand-op-nul, dacht ik terwijl ik de spin platknijp en richting de plee smijt en doorspoel.
Opgelucht.
Nu nog wachten op het vriendje: ze schijnen nooit alleen te zijn.
Deze was een bruine, denkend aan merels… dus waarschijnlijk een wijfje. Brrrrrrrrr.