Silo
Photobucket

In de zachtverlichte ruimte waar Silo zich bevond, klonk een tokkelend geluid ten teken dat er iemand voor de deurgrens stond. Silo knipte zijn twee electronische chipvingertoppen 3x tegen elkaar aan, in een bepaald ritme, waarna de deurgrens met een zacht geluid opende. Tilor stond opeens weer voor hem, haar lange 3 kleurige haar, met paars, bordeauxrood en zwarte strengen, die golvend over haar slanke rug vielen. Haar mond gelijk een rozenknop, haar ogen donker en groot.

Zo zag hij haar altijd voor zich in zijn dromen, Tilor zijn droomvrouw. Hij had haar zelf geschapen via een groots project dat 2 jaar voorheen als een competitiestrijd door zijn clan was gegaan. Ze mochten hun droomvrouw scheppen vanuit hun fantasierijke geesten. Zijn clan behoorde bij de creators nml.

Hij had de mooiste vrouw geschapen van allen en daarom was zij gecreëerd in het grote lab van hun stelsel driebat3III. Helaas was Silo té fantasierijk geweest en had hij een robotvrouw bedacht, die zelf mocht nadenken. Helaas koos zij niet voor hem als geliefde, maar ging ze voor haar maker.

De oude professor Mikelay. Ranzig was die gedachte, want het was een wanstaltige man om te zien. Maar Silo had er niets tegen in te brengen, juist het idee dat een robot vrouw haar eigen gedachten had, was de doorslag geweest bij het winnen van deze competitie.

Tilor ging zitten op zijn doorzichtige zachte bank, gevuld met warm water.

De bank golfde wat op en neer toen zij nederzat, toch woog zij maar weinig. Haar borsten cup D, wiebelden zacht op en neer. Goddelijk vond Silo. Zuchtend nam hij plaats naast haar, zijn creatie. Zijn Godin. Hij streek door haar lange zachte haren, made in China dacht hij spijtig, hij had Indiaas haar moeten kiezen dat scheen nog zachter te zijn net zijde. Tilor keek hem aan met haar ogen zo groot en donker, hij kon ze niet peilen, logisch. Ze was geen echte vrouw.

Maar toch zag je geen enkel verschil. Ze voelde warm aan, en haar huid was ook niet van echt te onderscheiden. Tilor zei niets. Silo ook niet, hij bekeek haar alleen maar.

Ze zuchte hoorbaar, en legde haar ene been over haar andere, en leunde achterover.

Silo kreeg een idee, maar zou hij dat durven? Hij had wel alle gegevens doorgenomen hiervoor, alle kennis in huis, waarbij hij dit zou kunnen waarmaken voor zijn zielsrust.

Zou het zelfreinigend systeem in haar vagina ingebracht, ook alle sporen verwijderen van die oude professor Mikelay? Silo schudde met zijn hoofd, misselijk werd hij bij de gedachte dat zijn oude professor met zijn droomvrouw, zijn seksuele behoeftes bevredigde.

Het zou niet zo mogen zijn dus als hij nu….zou hij het durven, dan was zij van hem!

De zijne nml.

Hij zou het doen, die professor had toch geen recht op haar? Hij knipte met zijn electronische vingertoppen, in een vreemd klakkende beweging. Tilor zakte voorover, mooi nu kon hij bij haar rug, en dan zou hij..

Silo zocht zijn gereedschappen en zijn chip connector. Zijn pc scherm stond op scherp ingesteld evenals zijn camera, zodat hij via het beeldscherm alles goed kon zien op microscopisch ingestelde millimeters. Zodat hij niets kapot zou maken in haar superchip. Als dat zou gebeuren zou het niet te overzien zijn wat er wel niet kon gebeuren. Silo wist wel dat dit een enorm risico inhield maar, wat moest hij anders?

Hij opende Tilors strakke shirtje, en trok het uit over haar machtige borsten, perfecter dan je ooit had gezien. Slap hing ze daar in de bank.

En hij opende voorzichtig haar centrum, in haar rug verscholen, bijna onzichtbaar maar hij wist precies waar hij zijn moest.

Het met huid bewerkte dekseltje opende zich heel zacht, en bijna teder nam hij met een pincet het superchip gebeuren uit haar centrum. In zijn hand lag haar ziel. Zo teer, zo breekbaar, hij wist het.

Hij kreeg tranen in zijn ogen. Daar lag zij, zijn wondervrouw in zijn hand, hij was haar God en niet professor Mikelay! Hij legde de chip in de connector en via zijn pc IIIIII35a Verbond hij deze met zijn programma. Opnieuw programmeren dan maar…en wel zo dat zij hem wilde!

Alleen hem!

Ze was van hem nml.

Het duurde nog wel even voor de transfer de chip kon overkoppelen naar de connector. En terwijl hij wachte op het gebeuren dat zijn leven eindelijk zou veranderen, kleedde hij haar langzaam uit.

Vol bewondering over haar naakte lichaam dat slap op zijn bank lag, kuste hij elk deeltje van haar lichaam. Zo zacht zo warm. Geen zweetgeuren, ze rook zo zoet als een lelie, dat wilde hij ook, hij hield van die geur. Alles was heerlijk aan haar.

Geen schaamhaar, geen okselhaar, de perfecte vrouw. Zo moest ze worden en zo was ze geworden..

Het liefst zou hij haar nu nemen, en waarom ook niet, ze sliep en zo had hij mocht het project mislukken, hij toch zijn beurt gehad. Zo deed hij, hij nam de robotvrouw in zijn armen en had gemeenschap met haar.

Het leek of ze sliep, maar er zat niets in haar, geen geest, in de vorm van electronica. Voldaan lag hij half over haar heen na de daad, waarna een geluid aangaf dat het project voltooid was. De chip was klaar. Verheugd stond Silo op en ritste zijn broek dicht, waarna hij met ingehouden adem de chip weer terugplaatste in de rug van Tilor. Op hoop van zegen, dacht Silo. Het genot was nu al onbeschrijf’lijk geweest, wat zal het zijn als ze zometeen nogmaals met hem het genot wilde delen?

Hij knipte weer met zijn electronische vingers en Tilor werd weer tot leven geroepen. Ze keek hem aan, met wilde ogen, ze likte om haar lippen, als een tijger besprong zij hem. Naakt wild en hongerig.

Silo kwam enkele dagen zijn ruimte niet meer uit, het was alsof hij in een hemel was belandt.

Ze nam hem keer op keer, als een hongerig dier, als een slet, uitgeput was hij, na enkele dagen en toen hij in een diepe dromeloze slaap viel.

Waaruit hij na uren wakker werd, overviel hem een triest gevoel. Ze was weg, hij voelde het, zijn Godin was weg!

Zij de hongerige robotvrouwe, benam zijn hele clan de adem en ze nam alles wat maar mannelijk was, oud, mooi, lelijk, jong, het deed niet terzake, ze was nu eenmaal zo geprogrammeerd.

Ach en zeg nu zelf als ze elke avond maar in zijn bed lag kon dat Silo niet eens meer zoveel schelen.

Hij had een goede daad verricht met zijn chipdecoder.

Dat de professor hem aankeek met scheve ogen was wel te verwachten maar Silo zei niets.

Hij glimlachte alleen maar.