Photobucket

Het huwelijk
Ze mochten elkaar niet, dat was wel duidelijk na 35 jaar huwelijk. Ze konden elkaar wel schieten!
Toch waren ze bij elkaar gebleven voor de kinderen, maar deze waren inmiddels ook al enkele jaren de deur uit. Wat hen dan nog samenbond was de vraag. Gewenning misschien?
Wie zal het zeggen…
Zelf wisten ze het ook niet meer, zij inmiddels al 56 en hij 60, de jeugd voorbij en opnieuw beginnen met een ander, ach? Dat had toch geen enkele zin immers. Al die toestanden zeg.

Nee, ze bleven maar bij elkaar, ondanks alles, wat hen tegenstond aan elkander, je weet het wel die kleine onhebbelijkheden, die men wel eens ondervind bij anderen.

Hij ging zijn gang en zij ging haar gang, en zo leefden ze eigenlijk best wel prettig langs elkaar heen.

De ergernis stond dagelijks tussen hen in, opmerkingen over en weer, ze konden het niet laten, ze waren ook te verschillend aan elkaar.

Maar goed, dat wisten ze nog niet, toen ze elkaar ontmoet hadden en getrouwd en toen de kinderen later kwamen, toen uiteindelijk waren ze er achter gekomen.

Het ging niet, daar waren beiden het volmondig over eens.

Maar een oplossing was er niet voor.

Ja… in je up in een flatje, dat was een optie, maar goed, dat scheelde wel zoveel geld per maand voor beiden, dat ze toch angstvallig maar bij elkaar bleven, al was het om de centen toch?

Ze namen de scheldpartijen maar voor lief, wat moest je anders?

Het was herfst in het leven van dit echtpaar, waren ze ooit echt een paar geweest? In elk geval was opnieuw beginnen niet langer een noodzaak.

De gewoonte was verworden tot een zijn.

Ze hadden beiden een eigen slaapkamer, samen slapen was er al jaren niet meer bij.

Hij deed zijn eigen was en zo deed zij ook haar eigen was.

Nooit deden ze iets voor elkaar. Die tijd was geweest. Ze leefden in feite bij elkaar in huis, en daar was alles dan ook mee gezegd.

Eten koken deden ze om de beurt. Voor de buitenwereld leken ze het perfecte stel, zo deden ze dat ook voorkomen.

Niemand wist hoe het werkelijk zat.

En dat vertelden ze ook niet.

Als er bezoekers kwamen waren ze oh zo voorkomend tegen elkaar. Kneep hij liefdevol in haar zachte gerimpelde wangen, en sloeg zij kameraadschappelijk even haar arm om zijn gebogen schouder.

Het leek een perfect koppel, maar ze waren het niet.

Hoeveel mensen toch zo leven in het leven, weet eigenlijk bijna niemand.

Maar dat het gebeurd is wel zeker. Naast elkaar leven.

Toch kwam de dag dat hij zijn heup brak en hij hulp nodig had van haar.

Dat viel niet mee na al die jaren wegkruipen voor elkaar, voor gevoelens, die versteend lagen in hun borst.

Maar zo langzamerhand, werd het gemopper geweeklaag, en werd kritiek een zegen, een blik van dankbaarheid steeds normaler voor hen.

Die al zovele jaren niet met elkaar konden leven.

Beseften ze eindelijk na al die jaren, hoeveel ze ergens voor elkaar betekend hadden en gleden zij de winter in van hun leven, met dankbaarheid naar elkaar toe.

Met vriendschap!

En vergaten zij al die jaren van ellende die zij elkaar hadden aangedaan.

Door het eeuwige gevit en gezeur en gekift op elkaar.

En duwde hij haar, na vele jaren rond in de rolstoel en kamde zij zijn haren, die stijf stonden van de reumatiek.

Smeerde zij zijn open wonden aan zijn been, en maakte hij een kopje thee voor hen beiden.

Het kan zo verkeren dat mensen pas na vele jaren besef krijgen wat ze waren voor elkaar, welke waarde hun leven had, in het leven van de ander.