Home Korte Verhalen

Korte Verhalen

Silo

Silo
Photobucket

In de zachtverlichte ruimte waar Silo zich bevond, klonk een tokkelend geluid ten teken dat er iemand voor de deurgrens stond. Silo knipte zijn twee electronische chipvingertoppen 3x tegen elkaar aan, in een bepaald ritme, waarna de deurgrens met een zacht geluid opende. Tilor stond opeens weer voor hem, haar lange 3 kleurige haar, met paars, bordeauxrood en zwarte strengen, die golvend over haar slanke rug vielen. Haar mond gelijk een rozenknop, haar ogen donker en groot.

Zo zag hij haar altijd voor zich in zijn dromen, Tilor zijn droomvrouw. Hij had haar zelf geschapen via een groots project dat 2 jaar voorheen als een competitiestrijd door zijn clan was gegaan. Ze mochten hun droomvrouw scheppen vanuit hun fantasierijke geesten. Zijn clan behoorde bij de creators nml.

Hij had de mooiste vrouw geschapen van allen en daarom was zij gecreëerd in het grote lab van hun stelsel driebat3III. Helaas was Silo té fantasierijk geweest en had hij een robotvrouw bedacht, die zelf mocht nadenken. Helaas koos zij niet voor hem als geliefde, maar ging ze voor haar maker.

De oude professor Mikelay. Ranzig was die gedachte, want het was een wanstaltige man om te zien. Maar Silo had er niets tegen in te brengen, juist het idee dat een robot vrouw haar eigen gedachten had, was de doorslag geweest bij het winnen van deze competitie.

Tilor ging zitten op zijn doorzichtige zachte bank, gevuld met warm water.

De bank golfde wat op en neer toen zij nederzat, toch woog zij maar weinig. Haar borsten cup D, wiebelden zacht op en neer. Goddelijk vond Silo. Zuchtend nam hij plaats naast haar, zijn creatie. Zijn Godin. Hij streek door haar lange zachte haren, made in China dacht hij spijtig, hij had Indiaas haar moeten kiezen dat scheen nog zachter te zijn net zijde. Tilor keek hem aan met haar ogen zo groot en donker, hij kon ze niet peilen, logisch. Ze was geen echte vrouw.

Maar toch zag je geen enkel verschil. Ze voelde warm aan, en haar huid was ook niet van echt te onderscheiden. Tilor zei niets. Silo ook niet, hij bekeek haar alleen maar.

Ze zuchte hoorbaar, en legde haar ene been over haar andere, en leunde achterover.

Silo kreeg een idee, maar zou hij dat durven? Hij had wel alle gegevens doorgenomen hiervoor, alle kennis in huis, waarbij hij dit zou kunnen waarmaken voor zijn zielsrust.

Zou het zelfreinigend systeem in haar vagina ingebracht, ook alle sporen verwijderen van die oude professor Mikelay? Silo schudde met zijn hoofd, misselijk werd hij bij de gedachte dat zijn oude professor met zijn droomvrouw, zijn seksuele behoeftes bevredigde.

Het zou niet zo mogen zijn dus als hij nu….zou hij het durven, dan was zij van hem!

De zijne nml.

Hij zou het doen, die professor had toch geen recht op haar? Hij knipte met zijn electronische vingertoppen, in een vreemd klakkende beweging. Tilor zakte voorover, mooi nu kon hij bij haar rug, en dan zou hij..

Silo zocht zijn gereedschappen en zijn chip connector. Zijn pc scherm stond op scherp ingesteld evenals zijn camera, zodat hij via het beeldscherm alles goed kon zien op microscopisch ingestelde millimeters. Zodat hij niets kapot zou maken in haar superchip. Als dat zou gebeuren zou het niet te overzien zijn wat er wel niet kon gebeuren. Silo wist wel dat dit een enorm risico inhield maar, wat moest hij anders?

Hij opende Tilors strakke shirtje, en trok het uit over haar machtige borsten, perfecter dan je ooit had gezien. Slap hing ze daar in de bank.

En hij opende voorzichtig haar centrum, in haar rug verscholen, bijna onzichtbaar maar hij wist precies waar hij zijn moest.

Het met huid bewerkte dekseltje opende zich heel zacht, en bijna teder nam hij met een pincet het superchip gebeuren uit haar centrum. In zijn hand lag haar ziel. Zo teer, zo breekbaar, hij wist het.

Hij kreeg tranen in zijn ogen. Daar lag zij, zijn wondervrouw in zijn hand, hij was haar God en niet professor Mikelay! Hij legde de chip in de connector en via zijn pc IIIIII35a Verbond hij deze met zijn programma. Opnieuw programmeren dan maar…en wel zo dat zij hem wilde!

Alleen hem!

Ze was van hem nml.

Het duurde nog wel even voor de transfer de chip kon overkoppelen naar de connector. En terwijl hij wachte op het gebeuren dat zijn leven eindelijk zou veranderen, kleedde hij haar langzaam uit.

Vol bewondering over haar naakte lichaam dat slap op zijn bank lag, kuste hij elk deeltje van haar lichaam. Zo zacht zo warm. Geen zweetgeuren, ze rook zo zoet als een lelie, dat wilde hij ook, hij hield van die geur. Alles was heerlijk aan haar.

Geen schaamhaar, geen okselhaar, de perfecte vrouw. Zo moest ze worden en zo was ze geworden..

Het liefst zou hij haar nu nemen, en waarom ook niet, ze sliep en zo had hij mocht het project mislukken, hij toch zijn beurt gehad. Zo deed hij, hij nam de robotvrouw in zijn armen en had gemeenschap met haar.

Het leek of ze sliep, maar er zat niets in haar, geen geest, in de vorm van electronica. Voldaan lag hij half over haar heen na de daad, waarna een geluid aangaf dat het project voltooid was. De chip was klaar. Verheugd stond Silo op en ritste zijn broek dicht, waarna hij met ingehouden adem de chip weer terugplaatste in de rug van Tilor. Op hoop van zegen, dacht Silo. Het genot was nu al onbeschrijf’lijk geweest, wat zal het zijn als ze zometeen nogmaals met hem het genot wilde delen?

Hij knipte weer met zijn electronische vingers en Tilor werd weer tot leven geroepen. Ze keek hem aan, met wilde ogen, ze likte om haar lippen, als een tijger besprong zij hem. Naakt wild en hongerig.

Silo kwam enkele dagen zijn ruimte niet meer uit, het was alsof hij in een hemel was belandt.

Ze nam hem keer op keer, als een hongerig dier, als een slet, uitgeput was hij, na enkele dagen en toen hij in een diepe dromeloze slaap viel.

Waaruit hij na uren wakker werd, overviel hem een triest gevoel. Ze was weg, hij voelde het, zijn Godin was weg!

Zij de hongerige robotvrouwe, benam zijn hele clan de adem en ze nam alles wat maar mannelijk was, oud, mooi, lelijk, jong, het deed niet terzake, ze was nu eenmaal zo geprogrammeerd.

Ach en zeg nu zelf als ze elke avond maar in zijn bed lag kon dat Silo niet eens meer zoveel schelen.

Hij had een goede daad verricht met zijn chipdecoder.

Dat de professor hem aankeek met scheve ogen was wel te verwachten maar Silo zei niets.

Hij glimlachte alleen maar.

”De Koningsdag-Onwennigen…”

Het klinkt niet echt hé?
Koningsdag!
Ik mis dat ”inne…”?
En zeg nu zelf 27 april voelt echt aan als té vroeg!
Je ziet het aan het weer zelfs, 12 graden en klokslag de dertigste, zul je zien dan is het zondig weer hoor.
Heerlijk heet enzo…
Er zijn vast nog veel mensen die de dertigste langs de weg staan met een vlaggetje, neem het hen niet euvel.
Ze kunnen er niets aan doen.
Ze kunnen er niet aan wennen.
Dus zie je 3 dagen na dato van de koningsnacht en dag…
Mensen, feestjes vieren in hun eendje, tjah dan éh?
Ist zover, zeg maar, dat is er dan weer zo eendje.
”De Koningsdag-Onwennigen…”

En daarbij die koningshuizen kunnen de kids toch best plannen in de zomer?
Wat een gedoe een beetje einde winter, vooral hier hé, een beetje jarig zijn zeg!
Hallo?
Sta je dan te blauwbekken met je oranje muts en oranje jurkjes. Duhuh!!!
Bedoel tis geen dag om eventjes nieuw volk te verwekken hoor op deze manier.
Niks dus, als het gras 2 kontjes hoog is.
Helahi helahoow, je zou toch zeggen voor het vaderland hé?
Even een tranentrekker…:

Nu had moeders Beatrix belooft aan de Oma van Willem, dat 30 april altijd koninginnedag zou blijven toch?
Nu heeft Willem zijn oma onteerd, zeg maar.
Gelukkig heeft Willem gelukkig half, Retarded Nederland, ontzegd nog langer te mogen spelen met pleepotten smieten, koekhappen zonder broek aan,
Ezeltje prik in je anus, en andere idiote spelletjes, want Willem houdt niet van spelletjes nml!
Ik ook niet.
Ik bleef altijd maar thuis met koninginnedag, en ging dan de tuin maar doen ofzo, of de was.
Want er was niks aan!
Allemaal vage mensen ineens, die oude rommel verkochten op straat.
Vaak spullen waarvan je dacht: Jezus mens had dat ff naar vuilnisbelt gebracht.
Gewoonweg oud voddig spul, dat niet eens was gewassen  of schoongemaakt, maar gewoonweg de avond ervoor even snel uit de kasten was gerukt, alsof men plots had bedacht,
om met koninginnedag toch maar wat centjes te verdienen. Vaak las je ook over die foute kraampjes die etenswaren verkochten die zwaar over de datum waren.
Vast nog uit eigen vriezer, van het jaar ervoor.

Ik vind het maar raar klinken na 3 koninginnen, ineens een koningsdag, en had men het nu Koning Willemdag genoemd oké dat klinkt al beter.
Toch?
Ik vind het altijd zo saai op die dag dat ik vaak al graag weer naar huis wil als ik er ben aangekomen zo van, het moet toch leuk zijn en dan dat tis niets aan gevoel…
Dat gedoe en gezuip van bier, en zg leuke muziek,… ik haat bandjes! En dán?
Nou ja ik zal eens kijken wat er te zien valt morgen…maar.. ik vrees het ergste…
Padvinderij natuurlijk, rotzooi op de straat, kutbands,  overal vertrapte plastic bierglazen… brrrrrrr
🙂

 

Ze werd ouder

Photobucket
Ze werd ouder

Ze werd ouder, zezag het aan alles, opeens rimpels op haar smoel.
Grijzende haren, zelfs down under! Mijn hemel! Dat was een schok waar zij een week lang door van slag was geweest! Haar tieten werden ook al aardig slapjes, en ze kreeg zelfs al haren op haar kin.
Waarom moest dit alles zo snel gaan? Waarom had Meneer God er niet voor gezorgd dat een vrouw altijd mooi en strak in het vel bleef zitten?
Na de zwangerschap zag haar ooit zo strakke buikje er niet meer uit namelijk, dat was het begin geweest van dit einde.
Ja, het eind kwam al in zicht, zo ging dat. Stil aanschouwde ze op straat de oudere mensen, kijk zo ging dat die uitgezakte lijnen aan je kaak! Dat kreeg zij ook vast, let maar op, juist dat wat zij zo gruwelijk vond, dat zou haar vast overkomen!
Of kijk die rimpels rond die mond, van haar oude benedenbuurvrouw, zie je? Had zij ook al niet…. Verschrikt staarde ze in het spiegeltje in het licht gehouden, hangend op de bank voor het raam.
Oh mijn hemeltje toch, wat was er toch loos dat ze ineens zo aftakelde, was het de overgang soms? Nee dat kon niet alles kwam nog precies on time! Dat kon het toch niet zijn of wel?
Die klotenhormonen ook, hoe kwamen die kinharen daar, die had ze er gisteren toch al uitgerukt?
En die rimpel bij haar ogen, die was er vorige week nog niet!
Ze wist het zeker!
Triest staarde ze naar haar uiterlijk, dit ging niet meer goedkomen, nooit meer!
Dit werd alleen maar erger, en nog erger zelfs dan dat! Maar ze was nog wel gezond, nog wel toch? Of…maar ja dat wist je nooit natuurlijk. Sluimerende enge zaken, overkwamen elk mens.
De wereld was groot en je hoorde ook zoveel.
De rose lintjes vlogen je om je oren via je mailbox bv, elke dag weer, confronterend hoor dat wel.
En die verhalen van collega’s op je werk, je zou je oren willen dichtstoppen maar je ontkwam er niet aan die horror.
Ze had ook al wat last van haar rug, en soms spierpijn in haar benen…wat zou dat toch zijn?
Toch maar eens vaker pantoffels aan doen dan.
En die haaruitgroei, verdorie ze had het net 2 weken geleden al geverfd!
Zuchtend keek ze naar zichzelf in de spiegel, bij het felle zonlicht, leek het nog erger natuurlijk, maar verdorie die ene snorhaar die zo scheef groeide, waar was dat nu goed voor?
God moet dit nu zo?
Ze pakte een pincet vanonder het bankkussen vandaan, daar lag hij altijd voor het geval dat.
Herbert had het haar nooit zien doen, want dat wilde ze niet nml, hij moest niet zien dat ze ouder werd toch? Straks wilde hij een jonger exemplaar na jaren lief en leed dat zij hadden gedeeld.
Dan was zij helemaal niets meer, wie wilde nog een vrouw op middelbare leeftijd, hoewel nog niet eens! Nee nog niet! Nog niet…maar ja?
Wie wilde dat nou? En ze kon nog lang niet zonder haar Herbertje, haar lieveling.
Ach Herbert, hij zou bijna thuiskomen, ja …nog even snel, die rare scheve snorhaar eruit rukken, en dan…even koffie zetten voor haar Herbert.
In de keuken keek ze uit het raam en daar kwam hij al aan, Herbert, in zijn volvo, ach kijk…zuchtte ze diep. Hij stapte uit de auto, zijn regenjas over zijn arm nemend, en een hoed op zijn kalende grijze bol plaatsend. Ja Herbert, daar liep hij, hij was al 10 jaar ouder dan zij….

 Photobucket
Met zijn buikje, grijzende kalend kop, en zijn goedmoedige rimpelige kop, ach, wat was het toch een schatje.
Maar als vrouw moest je dingen stiekem doen, haren uit je snuit rukken bv, en je benen en oksels scheren als er niemand thuis is.
Desnoods harsen met de tranen in je ogen, maar daar deed je het wel voor, voor hem, Herbert bv.
———-

Buurman

Photobucket
Buurman Zaliger

De buurman was een chagrijn. Hij mopperde op alles wat maar leefde. Al was het maar een vlieg, die het waagde om op de rand van zijn kop koffie te gaan zitten. Hij was inmiddels in de 70 aanbeland en zijn vrouw had werkelijk geen leven bij hem. Ze stond krom van de zorgen, en om hem te ontlopen, maakte ze 3d kaartjes en vulde zo haar dag, in een kamertje op zolder. Af en toe kwam ze stram de trappen af, om een bak koffie te zetten en om hem zijn sloffen aan te bieden en hem met rust te laten. Wat eerder inhield dat zij ervoor zorgde, dat hij haar met rust liet. Zij was tien jaar jonger dan hij was en kinderen hadden ze nooit gehad. Omdat hij dat natuurlijk niet wilde. Nu kregen ze nieuwe buren, en die waren hem echt een doorn in het oog, want het waren van die buitenlandse mensen en die kinderen waren in zijn ogen, enorm lastig! De hele dag loerde buurman uit het raam om die kinderen te betrappen op iets, wat niet door de beugel kon. En nu waren de beugels in buurman’s ogen nogal krap. Om elk wissewasje belde hij de politie op. En telkens stond er even later een politiebusje voor op straat, om weer bij de buren aan te bellen, over het een of ander probleem dat was geconstateerd door de buurt. Namen werden niet genoemd. Buurman lachte dan zijn speciale lachje, vooral als hij zag hoe beteuterd die buitenlandse moeder keek als ze de agenten weer uit liet. Ergens was het wel een wrede man. Zijn vrouw echter, kwam in contact met de nieuwe buren en dat stond hem niet aan, dat zij zich verwaardigde om, om te gaan met ”dat volk”. Er ontstonden dan ook ruzies om niets en hij werd nog narriger dan hij al was. Maar zijn vrouw trok zich weinig aan van zijn gezeur, want het had toch geen zin. Of ze nu rechtsaf sloeg, of linksaf…Ruzie maakte hij toch wel. Dus ze genoot van de bezoekjes, die de buurkinderen stiekem maakten, als buurman zijn middagdutje deed en zij onbelemmerd in de bijkeuken van buurvrouw een lekkernij kregen. Op een dag echter kwam buurman eerder zijn bed uit, omdat hij niet kon slapen en ontmoette zo een buurkind kind dat hem met grote bange ogen aanstaarde. Hij was laaiend. Dat, het in zijn keuken rondstruinde en in zijn huis. En hij schold op het arme kind. Ze rende huilend naar haar huis, één deur verderop. Twee weken later overleed buurman plots aan een hartkwaalen niemand was er eerlijk gezegd erg rouwig om. Zijn vrouw werd vrolijker dan ooit tevoren en genoot van de nieuwe contacten die ze op deed via buurtgenoten en een 3d kaartclub waar ze sinds kort naar toe ging in een bejaardensoos in de buurt. Het buurmeisje vergezelde ”tante”vaak naar het wijkgebouw en er ontstond een fijn contact tussen die twee. Naarmate de jaren verstreken werd ook het buurmeisje groter en trouwde. En op een dag mocht “Tante”op kraamvisite komen bij het voormalig buurkind. “Tante”kwam binnen en werd neergezet in een grote pluchen bank en kreeg heerlijke thee. En na een korte tijd werd de kleine boreling opgehaald om te laten zien aan “tante”, tante opende haar armen om het jongetje in haar armen te ontvangen, …maar toen ze het kind in de armen nam, kreeg ze een schok. Ze keek naar het kind. Het keek haar aan met wijze oogjes, maar in die oogjes zag ze een blik van herkenning. Ze kreeg het warm en koud en ze keek nogmaals onderzoekend naar het pasgeboren kind. Op zijn wang, op dezelfde plek als buurman zaliger, had het kind een moedervlek, even groot en even grillig, als die van buurman zaliger. Een vermoeden bekroop haar…en dat vermoeden werd bevestigd toen na jaren een kleine peuter precies de weg wist in haar huis. Tjah buurman zaliger, karma kan hard zijn.

Meneer de Pastoor

Meneer de Pastoor
 photo 3890505185_zpsedc7ead5.jpg

De pastoor keek eens over de rand van zijn brilleglazen, voor hem stond toch waarlijk een schepping Gods van zeer goede kwaliteit.

Tjonge wat een mooie deern, dacht de pastoor.

Hij wreef eens over zijn kalende bol.

Dag Marieke Mertens, kom jij de pastoor weer eens bezoeken, zei hij opgewekt.

Onderwijl liep hij voor haar uit naar het biechthokje, en opende de deur voor het meiske.

Marieke liep verlegen achter de pastoor aan en trok wat met haar lip.

Ze duwde haar donkere krullen achter haar oren en ging het kleine hokje in.

Haar bruine ogen blikten donker voor zich uit.

Minder pretlichtjes dan een maandje geleden.

De Pastoor nam plaats in zijn hokje en veegde het zweet van zijn voorhoofd, want het was nogal warm buiten.

Kom lieve kind, vertel mij wat er scheelt, murmelde hij vriendelijk.

En hij keek door het raampje, naar de mooie Marieke Mertens.

Vaag zag hij door het luik haar profiel en hij zag hoe haar borsten op en neer gingen, huilde ze nou?

Dacht hij verschrikt?

Een knoopje zat half los en stilletjes hoopte de pastoor toch, dat hij met zijn zondige gedachten, dit maal iets meer zou mogen aanschouwen

van het vrouwelijk schoon.

Hij fixeerde zijn blik op de borsten en het half losse knoopje, Marieke stamelde wat in het hokje naast hem. Doch hij lette er niet eens zo

op.

Kom kind, vertel me wat er scheelt!

Vertel mij alles, als je wilt, je moet biechten van Onze Vader. Dan kom je niet in de hel!

Marieke verschoof wat nerveus aan de andere kant en zo waar het knoopje schoot los.

De pastoor voelde hoe zijn geslacht een andere richting aannam en niet erg pastoorwaardig, hoewel, richting hemel ging.

Hmm murmelde hij, onderwijl flink turend naar een borst die zowaar iets uit het bloesje kwam pieken.

Wit zacht, romig vlees, wat zou hij daar toch graag zijn handen op leggen.

De pastoor schoof zijn habijt wat opzij en legde zijn rechterhand aan zijn geslacht.

Zo daar kon hij vandaag wel weg mee, en hij zat wat te friemelen aan zijn hemelsgerichte geslacht.

Marieke begon te vertellen.

Meneer de pastoor? Begon ze. Zenuwachtig klonk haar stemmetje onzeker in het hokje naast hem.

Ik heb gezondigd en ik denk telkens zondige dingen.

Oh meisje toch wat denk je dan zoal, hijgde de pastoor.

Vorige maand ben ik naar het dorpsfeest geweest meneer de pastoor en ik heb iets heel ergs gedaan.

We kwamen de jongens tegen van Boer Vanderstee.

Ja die kende de pastoor wel, het gezin Vanderstee was een huis vol zoons, welgeteld hadden ze daar een mannenaantal van 9 zoons!

En allen mooie stoere knullen, waaronder enkele tweelingen.

Ach Marieke vertel toch verder, mummelde hij.

Jammer ze ging wat verzitten, nu zag hij haar mooie borst niet meer.

Teleurgesteld was hij, hij dacht, zal ik haar vragen of ze niet iets kan verzitten?

Hm dat zal niet gepast zijn.

Marieke kun je iets dichterbij komen want ik versta je niet zo goed deern.

Marieke ging verzitten en vroeg is het zo goed meneer de Pastoor?

Ja bijna nog ietsje verder, iets naar links graag!

Ondertussen keek hij naar het figuurtje van Marieke, waarbij hij machtige blanke borsten waarnam onder haar bloesje.

Die tegen elkaar aankwamen als ze ging verzitten, hij veegde nogmaals het zweet van zijn voorhoofd!

Ja nu zat ze goed, zo had hij goed zicht op haar blanke tweeling.

Vertel verder meisje zo zit je goed.

Nou ik ging mee met die jongens, ze vroegen of ik mee wilde gaan naar de pomp achter de kerk, omdat ze daar een soort feestje hadden.

En dat heb ik gedaan.

En toen zijn er dingen gebeurd.

Heb je er spijt van meisje, vroeg de pastoor, het zweet brak hem aan alle kanten uit in het kleine biechthokje.

Zijn machtige penis stak fier vooruit, en hij masseerde er heftig op los, zou ze hem kunnen zien misschien, schrok de pastoor?

Maar zelfs dat idee wond hem enorm op, en zijn gevaarte groeide nog meer.

Nou Paul Vanderzee heeft mij in mijn slipje gevoeld, en ze hebben mij heel veel wijn gegeven en ik vond het heerlijk.

Wat Marieke? Wat vond je heerlijk meisje? De wijn of?

Nou mompelde Marieke ik vond het alle twee enorm fijn! IK was zo opgewonden dat ik later met al die jongens seks heb gehad en ik voel me zo schuldig hierom.

Zo zo meisje, je hebt sex gehad met de 9 zoons Vanderzee?

Ja Meneer Pastoor, stamelde de mooie Marieke.

Ze boog schuldig haar krullebol naar beneden zag meneer de Pastoor.

Meidje toch, (wat moest hij hier nu op zeggen, nu hijzelf met zo’n totempaal in zijn hokje luisterde naar haar verhaal?

wat een toestand zeg.

Wat heb je allemaal gedaan met die jongens?

Heb je ook gespeeld met hun geslacht in je mondje.

De Pastoor wist donders goed dat hij nu wel heeeeel ver ging in zijn biecht, maar hij kon het niet laten, het was warm buiten en hij was de dag al zat, met al die zeurpieten die hem de hele dag aan zijn oren hadden gezeurd.

Ja, meneer de Pastoor, zei ze schuchter.

Dat is juist heel goed Marieke, wist je dat dan niet?

Sex is een plezier dat God ons allen gegeven heeft, je hoeft je daar echt niet schuldig over te voelen.

Is dat echt zo meneer de Pastoor?

Jazeker wel, hijgde hij, onderwijl zijn paal masserend.

Maar meneer de Pastoor, sinds die tijd kan ik nergens anders meer aan denken?

Ik wil elke dag wel seks en ik kan die gedachte niet kwijtraken, ik heb gebeden hierom, ik heb elke avond voor mijn bed gelegen, biddend tot mijn knieën er pijn van deden, maar het helpt mij niets.

Ik zei toch Marieke dat dit geen zonde is?

Maakt het je ook uit met wie je seks hebt, Marieke?( Hij kon het toch proberen nietwaar?)

Even was het doodstil in beide hokjes en de pastoor hield zijn adem in.

Eh nee meneer de Pastoor, dat maakt mij werkelijk niets meer uit, Ik hou het niet langer, kreet ze hartstochtelijk uit aan de andere zijde van het hokje.

Marieke ik ga je nu iets vragen, dat mag je niet aan anderen vertellen dit is een ambtsgeheim.

Beloof je mij Marieke dat je dit nooit zult vertellen aan iemand?

Ja dat beloof ik meneer de Pastoor!

Ik ga je helpen Marieke dat beloof ik je, je vertrouwd mij toch?

Jazeker meneer de Pastoor!

Nu doe nu je rokje eens omhoog.

Goed zo meisje, ja zo ja.

Hij had een prachtig uitzicht op haar blanke dijen en witte slipje. Ok Marieke je bent een braaf meisje.

Doe nu je slipje eens uit?

Oh meneer de pastoor u kunt toch niets zien in uw hokje?

Marieke, sprak hij berispend, wat denk je nu toch? Dat ik stiekem kijk naar mooie meisjes? Doe nu maar gewoon wat ik zeg goed?

Ok meneer de Pastoor!

Ze stond op en trok haar slipje uit en ze ging weer zitten, trok haar rokje omhoog, haar wangen waren rood van opwinding.

Het was ook zo verdomd warm vandaag.

Daar zat ze dan in haar blote plasser in het biechthokje bij meneer de Pastoor.

Ze zuchte het uit, ze had het zo heet, vooral daar tussen haar benen.

Ze kon de verleiding niet weerstaan en stak haar vingers tussen haar benen.

Marieke meisje goed zo raak het maar aan, zei de Pastoor!

Zich verlekkerend aan het uitzicht dat hij had.

Marieke kun je je benen niet tegen de wanden zetten? Zodat je…eh ik..

Oh meneer de Pastoor u kijkt toch?! Riep ze uit.

Ja zeker meisje je bent zo mooi, ik kon het niet laten zei de Pastoor schuldbewust.

Doe je dat voor mij meisje?

Hmmm murmelde ze, dat is goed…

Ze zette haar voeten tegen het schot in het zicht van meneer de Pastoor.

Zo wat een prachtig uitzicht, meneer de Pastoor ging staan in zijn hokje en keek door het luikje naar de bloem die voor hem lag,

nog nooit had hij dit uitzicht zo nabij gezien.

Hij hielde het bijna niet meer uit, hij moest en zou…hij, desnoods stopte hij met zijn ambt…hij kon er ook niets aan doen dat hij deze behoeftes had?

Ook hij had jaren gebeden om verlossing doch die was nooit gekomen, de arme man had het er heel moeilijk mee gehad.

Marieke ondertussen wreef over haar bloempje en kreunde het uit.

Marieke luister!

Zei de Pastoor, wil je in mijn hokje komen dan zal ik jou verlossen van den boze.!

Meent u dat meneer de Pastoor kreunde ze.

Ja echt meisje kom!

Kom toch bij mij en verlos ook mij.

Maar je moet wel je ogen dichtdoen als je binnenkomt zei de Pastoor.

Dat is goed meneer…

Hij hoorde gestommel, zijn geslacht was inmiddels pimpelpaars gezwollen.

Het deurtje ging open en daar stond zij, ogen dicht voor hem.

Hij trok haar op zijn schoot en drong de hare binnen met een stoot.

En nog een en nog een!

Ze kreet het uit, en nogmaals en nogmaals, wat was dit toch zalig.

De Pastoor vond zijn bevrijding in de schoot van het meisje, en beiden vonden verlossing in elkaar.

De Pastoor verschoot zijn zaad in Marieke Mertens, die nog vele malen op bezoek kwam in het hokje van meneer de Pastoor, waar ze er flink op losvunsten.

Doch na enkele maanden was Marieke Zwanger van de machtige staaf van meneer de Pastoor.

Ze wonen nu al jaren gelukkig getrouwd in een huisje aan de dijk en ze hebben al 5 kinderen op deze wereld gezet.

Meermalen denkt meneer de Pastoor nog aan die dag, dat zijn Marieke zijn lieve vrouwtje in zijn biechthokje kwam.

Nog steeds spelen ze dit spelletje samen, in hun slaapkamer staat nml nog een hele antieke biechtstoel, die meneer de Pastoor kocht op een faillissement verkoop.
 photo 55_zpsf400edfc.jpg

Dan zegt hij tegen Marieke, meisje wil je biechten en dan schiet het rood haar naar de wangen, dan kreet ze uit, jaaaaaaaa, oh

jaaaaaaaaaa…en dan duikt ze snel het hokje in waarbij zich het schouwspel opnieuw herhaald, en waarbij Marieke even later opgewonden en met haar ogen dicht op zijn paal aanschuift.

Inmiddels werkt de pastoor niet langer als pastoor, maar komen doen ze wel als zij, Marieke uitroept, Oh ja meneer de pastoor oh ja verlos

mij dan toch…

De Boom

De Boom
Photobucket

Een oude boom stond te zwaaien in de wind. Het was een trotse boom. Want hij was oud. Dus mocht hij dit zijn, vond hij. Op een dag viel er naast zijn stam een zaadje neer. Och, wat leuk dacht de oude boom, vermaakt. Kijk aan, een zaadje wat moet dat nu worden, aan mijn trotse wortels?

Smalend zag hij het zaadje langzaam opgroeien tot een aardig boompje ‘Ha’, zei de oude boom. ‘Je bent een flinke boom mijn knul, maar zo groot als ik ben zul jij nooit worden‘!

Het boompje keek op tegen de grote oude boom en zei maar ‘ja en amen‘!

Het Boompje groeide voorspoedig, doch niet naar de zin van de grote oude boom…jij moet zus en zo..zei de oude boom Die had immers de wijsheid in pacht nietwaar?

Het kleine boompje vond het wel saai worden, nu het niets meer mocht van die ouwe

snauwende boom. Het kleine boompje ging zich verzetten tegen de stam, het duwde en duwde uit alle macht. Auw zei de grote boom, wie denk je wel niet wie je bent? Jij groeit tussen mijn tenen in…pff gedraag je toch minuscuul zaadje dat je nog bent? Het kleine boompje had niet zoveel zin meer om te luisteren naar die oude mopperkont. Het besloot flink te groeien en het liefst wat schuin zodat het niet telkens die oude boom asem in moest ademen en beluisteren.. Na enkele jaren had het kleine boompje de tijd van zijn leven. Het maakte plezier met de vogels. Het lachte tegen de wind de oude boom zag dit alles met lede ogen aan!

Het lonkte met de zonnestralen het danste met de bladeren in de wind!

Het boog heen en weer in de storm…en liet de blaadjes ritselen op een stille zomerdag..

En op deze dagen werd het de oude boom te moede. Want bij de kleinere boom kwamen verliefde paren, kussend onder zijn bladerkroon. De oude boom kreunde het uit en noemde lelijke woorden tegen de jonge boom. Die het niets meer kon schelen want hij was inmiddels Oost-Indisch doof

voor dat gewauwel van die ouwe jaloerse boom! Op een dag had de oude boom wat schimmel in zijn wortels…en dat deed net zoveel pijn als reumatiek bij de mensen..dus dan weet je het wel!

Hij kreunde de hele dag dingen als wat een geluk die kleinere boom had dat die nog kon buigen in de wind en de zon kon verwelkomen in zijn bladerkroon. Nog kon lachen van geluk en plezier!

Hij mopperde maar door en kon niet ophouden tot de pijn zo erg werd dat hij zei dat het de schuld was van de kleinere boom omdat deze in zijn wortels woonde! De kleinere boom zuchtte ditmaal diep…en was er zat van. Hij fluisterde iets tegen de wind…die ditmaal langskwam voor een praatje, en deze glimlachte voor hij verder ging. Die dag kwam er heel veel regen en storm en bliksem.

De top van de grote boom werd hard geraakt. En brandde finaal uit.

De kleinere boom stond nog tussen de wortelen in met een stil verdriet ja toch wel.

Want dat had hij niet gewenst immers? Toch ging hij door met leven zoals bomen dat altijd doen.

Zonder gezeur en gemopper van die ouwe van toen

Wat had hij een hekel aan haar. EPD syndroom

Wat had hij een hekel aan haar. EPD syndroom
Photobucket

Wat had hij een hekel aan haar. Het bloed kolkte hem door zijn kop, nadat hij haar daarnet tegenkwam in de stad met haar nieuwe geliefde. Arm in arm en haar lippen in zijn nek toen ze een ijsje van hem kreeg bij de kar aan de weg, hij had het allemaal wel gezien. Haar mooie rode lippen in zijn hals, de rillingen liepen over zijn rug.

Hoe tuttig ze had gekeken naar hem, waar ze 7 jaar van zijn leven had gesnoept, want dat hij haar verwend had was wel duidelijk geweest. Een kick en ze had alles wat haar hartje begeerde. Hij was stapel geweest op die blonde schoonheid met haar pruillipje. Haar nukken en grillen voor lief genomen en trots was hij geweest, op de jaloezie van zijn vrienden. Hij had de mooiste meid van allemaal gehad. Ja” gehad”, dacht hij nu mistroostig. Ze bleek achteraf behoorlijk veel mannen het hoofd op hol te hebben gebracht achter zijn rug om. Toen hij erachter kwam stortte zijn hele wereld in. Hij was haar kwijt, dat waar hij altijd zo bang voor was geweest was nu gebeurd. Hij had verloren, van haar erotische aard. Haar behoefte aan aandacht, had hij niet kunnen vervullen, hij voelde zich een mislukking. Hij had gefaald in ogen van velen zo voelde hij dat nu, en ze had hem uitgelachen en hem verteld dat hij haar zo tekort had gedaan. Dat het zijn eigen schuld was. Oh ja ze had hem vernederd. Hij was er kapot van geweest. Maandenlang had hij geen enkele vreugde meer gekend, vol verdriet, was hij in zichzelf gekeerd, in zijn huis. Wilde geen bezoek meer ontvangen, had nergens nog behoefte aan gehad. En nu uiteindelijk krabbelde hij weer op uit dat dal, en kwam hij haar weer tegen. Met haar blonde krullende haren, die golfden in de wind, haar zwoele oogopslag, haar volle rode lippen, en haar voluptueuze borsten, verleidelijke dwalende bollen in de witte blouse. Haar slanke ranke benen in het te strakke kokerrokje, gelijk een veulen in de wei. Haar hoge hakken, alles aan haar was zo Goddelijk. Zelfs vandaag nog toen hij haar zag moest hij met moeite een erectie onderdrukken. En dat deed nog het meeste pijn, nooit meer dat lichaam bezitten. Die mond om zijn….hij schudde zijn hoofd. Hij wilde niet verder nadenken. Hij moest snel naar zijn werk. Was al bijna te laat. Lunchpauze was voorbij. Hij opende de deur van de apotheek, waar hij al jaren dag in dag uit zijn geld verdiende. Hij groette zijn collega’s, en pakte zuchtend een bak koffie uit de automaat om bij te komen. Zijn gedachten waren nog steeds bij haar, de snol. Hij moest zijn kop erbij houden met al die medicijnen nml. Tijdens de middaguren ontstond er een plan in zijn hoofd, een plan die grote vormen aannam. EPD systeem, zijn kop maalde, hij leek wel gek? Wat was er toch loos met hem? Het zweet stond hem op zijn voorhoofd. Maar de pijn was nog veel erger dan het plan bedenken en misschien navolgen? Wat kon hem dit schelen? En hij kroop achter de pc in het hokje achter de apotheek, moest even wat formulieren in orde maken zei hij. Hij klikte de pc aan, en zocht op het scherm naar haar gegevens. Ja, daar stond het, al haar gegevens, hij schrok toen hij las dat ze behoorlijk wat soa’s had opgelopen in de loop der jaren, ook toen hij? Hij schrok zich kapot, toch geen aids ofzo? Zijn hart sloeg enkele malen over. Nee, godzijdank niet zeg, trillend nam hij nog een slok uit zijn 6e kop koffie die middag. Maar wat een slet, tig soa’s en hij wist van niets. Zou hij dan toch..Hij had wel wat last gehad van afscheiding. Verdomd mompelde hij, morgen zou hij toch even langs bij zijn huisarts zeg, de heks. Het kreng!

Photobucket

Hij vond de toegangscode, via een zijdeur en begon in haar gegevens te rommelen. Was zij allergisch? Voor bepaalde antibiotica, aha glimlachte hij, veranderde de naam van de antibiotica in die van een andere. Kreeg ze mooi uitslag op haar mooie huid. Hij genoot ergens wel van zijn duivelse plan. Allergisch voor aardbeien. Hmm….en vis? Hmm..hij was knettergek hij wist het, maar het duivelse genoegen dat hem overvallen was, nadat hij elke keer weer haar vernederende glimlach had gezien toen ze aan het ijsje had gelikt en hem in de ogen had geblikt. Het bleef hem maar door zijn kop malen.

Die dag ging hij naar huis, lichter te voet, blijer in gedachten door zijn minne daad. Hij

voelde zich eindelijk goed na vele lange maanden. Maar die avond kon hij de slaap niet vatten, woelend in zijn bed, maalde hij maar door. Wat had hij gedaan? Het zweet brak hem uit, wat als zij? Nee, dat zou niet gebeuren toch?

Morgen zou hij alles weer veranderen, dan was er niets gebeurd, wat had hem bezield?

de stoeipoes was niet bestemd voor één man maar voor velen dat had hij immers moeten weten. Eigenlijk had hij het ook wel geweten maar was blind geweest en trots op zijn vangst. Nee, morgen zou hij alles weer goedmaken.

De volgende morgen, waren er allemaal mensen in de apotheek, de directeur, collega’s en de recherche, en hij had zo’n spijt…zoveel spijt.

Die nacht was zij gestorven, doordat men de verkeerde medicatie had toegediend nadat zij, na het etentje in een restaurant, een anafylactische reactie had gehad.

Ze was nu dood, voor altijd weg, hij zou haar nooit meer zien. Oh wat had hij een spijt van zijn domme daad.

Wat had hij gedaan? Hij was op haar begrafenis en bracht een rode roos mee die hij op haar witte kist neerlegde…

Voorbij voor altijd.
Photobucket

Hij ging voor enkele jaren de nor in…zinloos.

Voorbij…was dit de haat waard? Die schuld zou hij nooit kwijtraken, dit had hij niet zo bedoeld. De vlinder was haar vleugels kwijt…

De nieuwe winkel in het dorp

In het hoogste der Nederlanden was er eens een dorpje.
Een heel klein dorpje.

Hoe het kwam wist niemand, maar plotseling was ”de winkel” er dan gekomen.
Pontificaal midden in het dorp, bij de splitsing nog wel.
En die winkel werd mega druk bezocht, van heinde en ver kwam men daar naar toe op zoek naar een raar item.
De dorpelingen begrepen er maar niets van.
Geert riep nog uit tijdens een dorpsvergadering, dat hij het mar niet begriepen kon, dat die luu allemoalle doar henne kwoamen om te winkelen.
Hadden zij dan in eig’n stad gien winkel, zoals zij hadd’n?
Wat moesten zij doar die stadse luu!

Het werd vreselijk druk, vooral bij die splitsing en de dorpelingen waren vreselijk boos.
Wij wonen hier in een klein en rustig dorpje en noe ist elke dag oalmachtig drok!
Ze wollen dat niet langer meer.
Ze wilden ook stoplichten goan ploatsen waren zij noe helemoal gek geworden?
In hun dorpje waar nog nooit een voor de stoplichten had moeten staan wachten, ging men stoplichten plaatsen voor die stadsers? Bekiek het toch.

De burgemeester had hem zien noagels al van de vingers gevreten van de zenuwen, die hem opvraten van binn’n. Wat kon hij doen? De winkel bracht voldoende op, en daarbij de mensen gingen ook nog naar de Bakker om de hoek, de viswinkel verdiende er goed door, en de supermarkt mocht ook niet klagen.
Maar ja, die bewoners van het dorpje hadden het nu eenmaal in de kop en dan weet je het wel, dan hebben dorpelingen het echt niet in de kont zitten.

Dus dat was een heibel elke keer. Vergadering op vergadering volgde.

De burgemeester ging zelf maar eens undercover de winkel in. Hij wilde kijken wat er dan gekocht werd en waarom het zo druk was geworden in zijn dorpje.

Nu had de burgemeester het niet zo op verkleden, hij kende dat niet zo strak in het herenpak als hij was dus hij trok eerst een oranje strak pak aan, maar dat viel zo op en hij was de dunste ook niet meer, dus dat pakje uit de jaren tachtig kon zo de container in. Hij wilde zijn baard afscheren en verkleed gaan als vrouw, met een jurkje van zijn vrouw.
Maar de burgervader was een beetje bang dat hij de jurk te fijn vond zitten, dus dat deed hij dan ook maar weer niet. Je moest de man niet op het spek binden natuurlijk!

Zijn outfit met een arabische sjaal om, nah dat ging hem ook niet echt worden in zijn dorpje, dan had hij meteen de argus met de oogjes op zich…
Hij besloot te gaan als oude man met een hoedje op en de opajas van de opa van de burgemeester, was prima.
De burgemeester ging er op uit.

Ondanks de regen was het gruwelijk druk.
Het liep af en aan, en iedereen kwam met een plastic tasje de deur uit.
Bevreemd ging de burgemeester de winkel in.
Bij de deur klonk een vriendelijk tringeltje van de bel.
De winkel hing vol tot aan de nok met gordijnkoorden in allerlei soorten, kleuren en maten.
Vreemd waarom moesten mensen uit de stad nu gordijnkoorden kopen, hadden ze die in de stad dan niet?
De burgemeester besloot ook een koord te kopen.
Bij de kassa stond een vreselijk lange rij. De burgemeester ging een gesprekje aan met iemand naast hem.
Zo. Ook een gordijnkoord aan het kopen, vroeg hij.
De man naast hem keek hem verbaast aan, ja dat ziet u toch?
Alsof het de normaalste zaak van de wereld was om gordijnkoorden te kopen.
Is het mode ofzo bij jullie in de stad, vroeg de burgemeester aan een vrouw naast hem.
De vrouw keek hem ook verbaast aan, ze was mager en zag er vermoeid uit. Eigenlijk keek niemand blij of opgewekt.
De vrouw had vier gordijnkoorden in de hand, ze vroeg hem welke ze zou nemen.
Ik weet niet mevrouw hoe dik uw gordijnen zijn.
De vrouw keek hem aan met een glimlach op haar magere gezicht. Weet u het dan niet meneer?
Wat mevrouw?
De magische verkoper hier bij de kassa is de beste in het hele land.
Hoe bedoel je mevrouw, vroeg de burgemeester verbaast.
Nou met opmeten enzo en hoe dik het koord moet zijn.
De burgemeester keek haar begrijpen aan, aha zo bedoeld u dat!
Ik begrijp het.
Nee meneer u begrijpt het niet.
Ze wees naar de nek. Kijk hoe dik het koord moet zijn meneer. Geschrokken keek de burgemeester naar het koord in zijn handen. Bedoel je dat alle mensen hier… Nee mevrouw dat kan niet waar zijn toch?
De rij schoof wat op naar voren en de burgemeester zag de verkoper naast de kassa staan met een hand op een koord en de andere op de schouders van een dikke mevrouw.
Hierna schoof hij een gordijnkoord over het hoofd van de mevrouw. De burgemeester was misselijk en kon niet geloven wat hij zag.
De vrouw voor hem, zei fluisterend, ziet u nu wel?
Maar, maar waarom in vredesnaam.
Oh zei de vrouw voor ons allen is het leven te zwaar geworden, sommigen zijn hier ziek en zij kunnen de zorgkosten niet langer betalen en ze hebben bijna niets meer te eten!
Anderen hebben hoge schulden en moeten hun huis uit.
Anderen zijn bang dat ze ziek worden en dan hebben ze in ieder geval altijd dat koord achter de hand hé?
Het is heel simpel hoor.
Maar mevrouw en u dan? Riep de burgemeester geschrokken uit.
Mijn man, zei ze, hij is ziek en ik kan het niet langer meer betalen dus ik ga hem ophangen vanavond.
Ik neem ook vast een koord mee voor mijzelf natuurlijk.
Maarrr, hoe bedoeld u dit, ophangen hoe dan?
Aan dat koord natuurlijk, ik denk aan de trapleuning op zolder die is wel het stevigste.
Maar mevrouw!?
Ja meneer, u roept wel ja mevrouw, maar meneer? Wist u dan niet dat het zo slecht gaat in dit land?
We kopen het allemaal voor het geval dat het ooit nodig is!
Ze rekende af nadat haar de maat was genomen, de burgemeester stond met tranen in zijn ogen achter de kassa met het koord in zijn handen.
U moet een iets dikkere nemen meneer, daar bovenaan links van die kast, daar vind u ze …
Huilend vertrok de burgemeester uit de winkel.
Het belletje tringelde weer vriendelijk.
Thuisgekomen kon hij een tijdlang niet meer praten, en hij besloot er ook nog met niemand over te praten.
De winkel mocht blijven en er kwam geen stoplicht, dat hield mensen maar zo op enzo.
In de kast van de burgemeester lagen twee gordijnkoorden, voor hem en zijn vrouw, voor het geval dat, maar niemand mocht het weten ook zijn vrouw nog niet.
Voor het geval dat de stad entree deed in het dorp met de gruwelijke verhalen, mochten zijn dorpelingen best nog mopperen en zeuren en rustig slapen.

©Angel-Wings

Zo doe je dat dus!

Zo doe je dat dus!
Ze was een stoot van een meid!

Alle mannen keken wel 3 x achterom als zij langs liep. Bloedmooi dus, prachtige lange glanzende gitzwarte haren, mooie zwoele ogen, en een mondje om te zoenen. Benen waarbij een man enkel nog maar kon denken aan ‘ertussenkruipen’, liggen en de rest, en een stel borsten gelijk een romig marmeren beeld, blank als lelies, lagen ze daar verborgen in een schattig blousje, net een tipje van de sluier oplichtend van de beloften die daar onder verborgen lagen. Cheryl was een knap ding, en dat wist haar vriendje ook. Jaloers was hij zeer zeker, bezitterig eerder. Tjonge als ze toch iets te lang stond te praten met een man, al was het de postbode of de man die een pakketje kwam brengen, dan was het huis te klein! Het liefst sloeg hij haar dan bont en blauw. Dat was ook normaal in zijn eigen cultuur, hier natuurlijk niet maar goed, wat kon hem dat nu schelen? Dus Cheryl was het een keertje zat en maakte de relatie uit. Althans dat was wel de bedoeling, maar het vriendje Raban, wilde er niet aan geloven. Dat kon niet waar zijn. Dus hij bleef maar komen, aanbellen, bellen, achterna lopen, mailen, msn hacken, het maakte hem allemaal niets uit maar hij moest en zou haar terug krijgen. Uiteraard is dat nooit de manier om de liefde terug te winnen, want eenmaal verschoten had je het altijd mis. Maar hij kon het niet verkroppen. “Je hebt een ander”! Brieste hij woedend. Nee, dat had ze niet. “Oh, nou dan ben je zeker lesbisch geworden”. Schreeuwde hij. Het kon toch niet dat ze het uitgemaakt had door hem zelf? Hij was toch goed voor haar geweest? Had hij niet elke week de vuilnisbak bij de weg gezet? Had hij niet dat ene lampje dat toen kapot was, gemaakt voor haar? Had hij niet vorig jaar een laminaat vloer voor haar gelegd? Het ondankbare wezen, de vuile hoer! Hoe durfde ze hem te verlaten.

Nee het zat hem niet lekker. En natuurlijk kwam de dag dat zij een ander had, nou nou, laaiend was hij. Met de auto reed hij tientallen malen voor het huis langs, toeterend en wel. Hij belde haar plat die dagen, sprak het nieuwe vriendje aan, dat hij nog sex had met zijn nieuwe vriendin, en ook dat ze met vele andere mannen het bed deelde. Hij maakte haar zo zwart hij maar kon. Raban genoot, het werd bijna spannend. Hij moest en zou haar terug krijgen, hij bedreigde haar, zo vaak hij maar kon. Op internet maakte hij datingpagina’s aan, waar hij haar foto’s op zette. En Cheryl ten einde raad, ging naar de politie, maar deze waren veels te druk met koffie drinken en naar mooie verhalen luisteren van exen die stalken dus, die hielpen ook al geen handje. Cheryl kon geen kant meer op, zo leek het althans. Haar nieuwe vriend ging op de vuist met de ex, maar kwam zelf een nacht in de cel te zitten en die arme Raban kon met zijn mooie verhalen, zichzelf zielig neerzetten, dus kreeg Cheryl’s vriend ook nog eens een proces verbaal, zo gaat dat nml in ons land tegenwoordig.

Inmiddels had Raban al 500 email adressen aangemaakt en elke keer als Cheryl zijn mail blokte, kwam er wel weer een mail binnen van een andere account van hem.

Radeloos was ze inmiddels. Op van de zenuwen en van zijn talloze dreigementen.

Zijn smsjes gooide ze inmiddels weg, want elke keer als ze een ander nr had, verkreeg hij dit wel weer op slimme wijze via via door. Inmiddels twee jaren verder, kwam Cheryl in contact met een oudere vrouw. De vrouw was een oude bekende van een kennis van haar, en de vrouw was van oorsprong zigeunerin. Eindelijk was er hoop, misschien?

Cheryl kwam die dag opgelucht thuis. Zo dat was geregeld. De oude vrouw wilde wel iets persoonlijks van Raban hebben, nu dat was geen enkel probleem.

De eerste stap was al gezet nml. En veel last zou ze niet van hem hebben als ze eenmaal klaar was met hem.

Voor het eerst in 2 jaar mailde ze hem terug, waarbij ze hem uitnodigde om langs te komen. Natuurlijk stond hij stipt op tijd op de stoep bij Cheryl. Opvoeding had hij niet genoten uiteraard, want een bosje bloemen kon er niet eens vanaf. Maar goed het zij hem vergeven.

Hij mocht plaatsnemen op de bank, en Cheryl toonde hem enkele foto’s die ze gemaakt had van een vakantie dat jaar. Zo, en hoe is het ermee vroeg ze poeslief.

Eh ja goed, grijnsde hij. Heel goed, vooral nu ik weer bij je ben schatje. Hij sloeg haar eens op de lekkere billen. Cheryl had een minischaartje in haar hand en dook ineens op zijn haardos, oh je hebt iets in je haar, wacht even. Ze knipte snel een klein stukje haar eraf, en stak dit snel in haar zak. Oh het is niets, een blaadje, zei ze en ze liep naar de keuken toe. Maakte wat koffie en gaf hem een bak.

Hij greep haar beet en wilde meer natuurlijk, Cheryl deed even mee met hem. Ze ritste zijn broek los en haalde een slap geval eruit. Wat moet dit voorstellen vroeg ze.

Verbaast keek hij haar aan, eh? Ik snap het niet, ik heb wel zin hoor in jou. Nou dat merk ik zeg, mopperde Cheryl. Raban wist niet hoe hij het had van schaamte, zijn penis had hem nog nooit in de steek gelaten nml. Wat dit nu was?

Cheryl glimlachte geheimzinnig. Raban, je moet nu weggaan, en als je zo doorgaat met mij lastig vallen en bedreigen, dan werkt hij nooit meer. Ze wees naar zijn geslachtsdeel dat werkeloos nog uit zijn broek hing. Ik ben bij een heks geweest.

Een hele goede heks. Dus…ERUIT NU!

Raban schrok zich lam, een heks. Ja in zijn land geloofden ze daar nog in, oh hemeltje, voor altijd impotent dat wilde hij niet.

Hij trok zijn broek dicht en rende het huis uit.

Het heeft 5 jaar geduurd voor Raban weer wat kon uitvreten, maar bij Cheryl kwam hij nooit meer in de buurt. Hij zou niet durven zelfs.

AngelWings

De dokter

Photobucket
De man keek uit over zijn binnentuin, zuchtend nam hij een slok van zijn koffie. Het was een drukke dag geweest, al zijn patiënten hadden veel van hem gevergd vandaag. Allemaal klachten die overeen kwamen, de ’’r’’ in de maand en het was weer feest. Vreemd toch hoe hij een als zeer goed arts bekend staand, toch elke keer een vreemd gevoel kreeg bij bepaalde patiënten.
Zo hij ook vandaag weer, bij een patiënt de rillingen over zijn rug liepen bij het aan zien van de vreemde plekken op het lichaam van de man. Hij werd dan week in zijn maag, en voelde zich misselijk worden en ergens ook vaag angstig. Het sloeg nergens op, hij wist dit ook wel maar toch.
Het riep iets op in hem, aan vage, vreemde, nooit bekende of gekende situaties. De vorige keer dat hem dit was overkomen, moest hij de rest van de dag vrij af nemen, een knallende hoofdpijn was opkomen zetten na de aanblik van een patiënt met eenzelfde klachten als die man vanmiddag.
Hij begreep er niets van. Totaal niets. Hij, die altijd zo nuchter was en nadacht over alles. Hoe kon dit bestaan, hoe kon dit hem zomaar overkomen, redeloos. Ja..zonder enige aanleiding overviel hem dit alles. Hij was moe, het was een zware dag geweest nml. en zijn ogen vielen bijna dicht. Nog een slok koffie, en nog een. Hij moest naar huis, en snel ook, zo vreselijk moe was hij. Hij sloot alles af, lichten uit, deur dicht, autosleutels in zijn hand, liep hij naar zijn auto.
En bij zijn auto viel hij neer, in een diepe diepte, een spelonk van zijn geest had een zijdeur geopend, en de aanblik kon hij niet verdragen. Alles was zwart om hem heen, fluweelzwart en warm, hij voelde niets meer, behalve een bekend opkomende hoofdpijn.
Hij lag daar in het donker bij zijn auto op de koude herfstgrond.
Zijn geest trok uit zijn lichaam op zoek naar een antwoord op vragen, nooit gekend in het leven. Als arts had hij altijd meer antwoorden gehad op vragen van patiënten, meer dan andere artsen in feite. Hij wist dingen zomaar, hij voelde aan wat een mens mankeerde, hij voelde hun pijnen bijna in zijn ziel. Als hij met zijn hand over de huid gleed van een patiënt dan was het alsof iets hem antwoorden gaf op prangende vragen. Alsof zijn onderbewustzijn hem aanwijzingen gaf, mensen liepen met hem weg. Zijn praktijk liep prima. Niets te klagen, alleen dit ene dat hem telkens overviel bij die ene aanblik, het had hem altijd al bevreemd, was het een angstig voorval dat hem was overkomen in zijn jeugdjaren of had hij gewoon plotseling een angst ervaren bij een patiënt die dit hem ooit had getoond hij wist het niet meer. Het enige dat nog tastbaar was, was het fluweelzachte warme zwart dat hem omhulde die avond in het donker daar, op de grond bij zijn auto. Zijn ziel dwarrelde om zijn lichaam, en cirkelde omhoog. Heel langzaam leek het gelijk een veertje dat omhoog dwarrelde, en niets kon het nog tegenhouden.
Plots leek het alsof hij vaste grond kreeg onder zijn voeten, vanuit het warme fluweelachtige zwart kwam er plots licht door in zijn wezen, zijn voeten stonden stevig op een grond, en hij keek naar zijn handen.
Rusteloze magere handen, om zijn armen een bruine jas, zo leek het althans wel, een dikke warme bruine jas, die hem omhulde, en rondom hem mensen die zijn handen vastgrepen, met verminkte gezichten, de huid, de huid waar hij zo bang voor was altijd. Angstige bange gezichten van mensen die hij wilde helpen, mensen die hij wilde redden, hij voelde zich zo machteloos. Hij deed zijn best, maar kon zo weinig voor hen doen. De kruisvaarders hadden deze ziekte meegenomen naar Europa. En de mensen die het kregen, leden aan afschuwelijke verminkingen, tot blindheid aan toe, zelfs tot ze er aan stierven.
Jaren had hij gegeven aan die mensen die hem zo nodig hadden, en het geloof had hem kracht gegeven, had hem geholpen om deze mensen hun steun en toeverlaat te zijn.
Hij wist het weer, hij was pater, had zijn weg gevonden naar de mensheid die hem zo nodig had en God gaf hem de kracht dit alles te volbrengen. Deze arme mensen te helpen.
Hij bezag de jas die hij droeg, het was een bruine pij. Hij besefte plots wat hij deed en wie hij was, in dat leven. Het vorige leven als pater, die deze zo zieke mensen hielp.

Plots kwam hij weer bij, liggend bij zijn auto, in de donkere nacht, kreunend opende hij zijn ogen, hij besefte, hij begreep eindelijk!
Eindelijk, verward ging hij zitten, en wreef over zijn hoofd, de hoofdpijn trok weg.
Hij wist het…hij wist nu waarom hij zo naar werd, van de aanblik van een bepaalde huidziekte. Hij begreep het nu volkomen en ook zijn onbestemde medische kennis kon hij nu plaatsen.

Hij reed even later naar zijn huis, en heeft nooit meer enige last ervaren, bij het zien van patiënten met die speciale huidziekten. Omdat hij eindelijk inzag waar zijn angst vandaan kwam.


Frappant, zoek even op google en vind dan dit…?

http://www.heiligen.net/heiligen/05/10/05-10-1889-damiaan.php
Heilige Damiaan….?